Gerlof de Vries krijgt 9.1 op werkstuk: “ sportblessures”.
Geschreven door Roel Bos   
donderdag, 22 januari 2009 18:26
Gerlof met zijn werkstukMaar al te vaak zijn trainingen saai en worden handelingen verricht, zonder dat er iets wordt verteld over de achtergrond. Dat is zonde, monotonie is de dood voor een sport. Een saaie training zonder informatie spreekt niemand aan. Jeugdigen zijn erg leergierig, willen graag weten wat de achtergronden zijn. Waarom moet het precies zo? Welke spieren belast je, wat is de functie van die spier, waar zit hij vast, enz. enz. Krachttrainen leent zich uitstekend voor educatie. Immers, tussen de herhalingen moet iemand even een herstel pauze in acht nemen. Op die momenten kun je mooi wat anatomische- of trainingstechnische informatie geven. De praktijk leert dat deze werkwijze kinderen, (maar ook ouderen) erg aanspreekt.

Educatie is één van de belangrijkste onderdelen van het training geven. Er gaat bij mij dan ook geen training voorbij, zonder dat we over anatomie, het belasten van gewrichten of de juiste houding tijdens een oefening praten.
Dat dit niet saai hoeft te zijn, bewijst Gerlof de Vries uit Zwaagwesteinde (16), die er een werkstuk voor school over heeft gemaakt met de titel: “sportblessures” . Gerlof gaat in deze scriptie uitvoerig in op het ontstaan van blessures, de oorzaken en de verschillende soorten blessures die tijdens het sporten kunnen ontstaan. De hamvraag is: wat kun je doen om blessures te voorkomen. Dit uitgebreide en informatieve werkstuk leverde hem een 9.1 op!

Educatie tijdens de training.

Roel & Gerlof aan het trainenOp jeugdige leeftijd krachttrainen. Niks mis mee! Lees ook: “Angst voor krachttrainen met kinderen gegrond of ongegrond?

Maar een goede begeleiding is wel de basis. Daarmee bedoel ik niet alleen dat kinderen goed begeleid moeten worden tijdens de krachttraining zelf, maar het is ook belangrijk dat ze leren waarom ze bepaalde oefeningen doen. Ze moeten weten welke spieren ze trainen bij een bepaalde oefening. En last but not least: wat ze beslist niet moeten doen. Als je weet wat je verkeerd kunt doen, kun je veel blessureleed voorkomen. Daarom is het belangrijk dat kinderen “met de paplepel” ingegeven krijgen, wat ze verkeerd kunnen doen en vooral ook, het waarom! Dat ze daar, als ze volwassen zijn,  enorm veel voordeel van hebben spreekt voor zich. Door kinderen van meet af aan te leren hoe bijvoorbeeld een zwaar gewicht getild moet worden en welke houding je daarbij moet aannemen, voorkom je rugklachten op latere leeftijd. Je “traint ze een tweede natuur aan”. Het automatisch de goede houding aannemen bij tillen. Door kinderen ook al vroeg het besef bij te brengen, dat de belastbaarheid grenzen heeft, voorkomt blessures.

Gerlof de Vries uit Zwaagwesteinde (16), heeft al heel wat sportblessures in zijn omgeving gezien. Vooral in de judo, want dat is een blessuregevoelige sport. Hij leert tijdens de krachttrainingen bij mij waar sporters zich aan moet houden. Trainingswetten kan- en mag je niet in je eentje omzeep helpen. Dat zijn natuurwetten. Als je je niet aan die wetmatigheden houdt en herhaaldelijk de belastbaarheid overschrijdt, gaat het mis. Dan loop je een blessure op. Trainingswetten geven aan welke hersteltijden er in acht genomen moeten worden na een training, hoe je een gewricht hoort te belasten en wat je beslist niet mag doen. Luisteren naar je lichaam, kleine pijntjes niet negeren is het devies. Want het negeren van kleine signaaltjes leidt uiteindelijk tot grote blessures.

Hier is Gerlof de Vries heel goed mee bezig. Een bekend fenomeen bij opgroeiende kinderen is de “Ziekte van Osgood Schlatter”. Eigenlijk is het geen ziekte, maar een overbelastingsblessure die bij veel jeugdigen voorkomt. Als de bovenbeenspier aanspant, bijvoorbeeld bij kniebuigingen, wordt deze korter. Er wordt dan enorm aan de peesaanzet op het scheenbeen getrokken. Bij kinderen die in de groei zijn, staan de spieren toch al onder grotere spanning, omdat het skelet in de groeispurt sneller groeit dan de spieren. De peesaanzet op het scheenbeen, is op die leeftijd nog van kraakbeen en niet van been, zoals bij een volwassene. Daarom  wordt er gemakkelijk een scheurtje in getrokken. Dit geeft veel pijn onder de knie, met name bij het traplopen en fietsen.

Gerlof heeft door middel van anatomische afbeeldingen en voortdurende bijsturing geleerd hoe het allemaal werkt, wat je moet doen om opnieuw inscheuren te voorkomen, maar ook wat wél kan. Dat je wél mag, ja, zelfs móet belasten, maar dat je niet over die (pijn-)grens heen mag gaan. Hij trainde kniebuigingen, maar aangepast aan wat op dat moment kon. Wel belasten maar de belastbaarheid niet overschrijden. Geleidelijk werd het sterker. Recent heeft hij 100 kg weggetrapt op de legpress. En zonder pijnklachten!

Gerlof vindt het trainen en alles wat daar mee samenhangt erg interessant. Het hield hem zo bezig, dat hij voor school het werkstuk: “sportblessures” heeft geschreven. Het zat trainingtechnisch en anatomisch zo goed in elkaar dat het door de leraar met een 9.1 werd gehonoreerd!

Super, gefeliciteerd Gerlof, prachtig werkstuk!!!
Roel